Creatieve schrijfopdracht: Essay uit Wilfrieds perspectief (van het boek ‘WIL’)
‘Ik stond erbij en ik keek ernaar’
Dat is wat er bij ons werd ingestampt tijdens onze laatste dag van de opleiding. Als hulpagenten was het nu eenmaal zo: orders volgen, of toekijken. Geen tegenwerking.
Ik heb me nadien nog dikwijls afgevraagd hoe wij ons zo makkelijk hebben kunnen laten beïnvloeden door een zin uit van een of ander kinderliedje. Hoe konden wij zwijgend toekijken terwijl er zich voor onze ogen een horrorfilm aan het afspelen was? We zagen joden uit hun woonplaats gesleurd worden en hardhandig aangepakt worden. Sommigen werden zo hard geslagen dat ze nauwelijks nog konden opstaan, waarna ze dan in de camion gegooid werden alsof het slechts zakken met patatten waren. Ik kon twee dingen doen: meehelpen om ze uit hun huis te sleuren, of alleen toekijken, hoewel die tweede optie meestal niet eens een optie was.
In het boek, dat ik schrijf aan mijn achterkleinkind, noteer ik: 'In elke volgeling schuilt er een smeerlap'. Want dat is ook echt zo.
Ik herinner me de brand van de synagoge alsof het gisteren was: na die documentaire over de joden – 'de ratten' – riep heel het publiek in Cinema Rex slechts twee woorden in koor. Hoe verschillend we ook onder elkaar waren, iedereen, behalve ik, wilde één ding: 'Joden! Buiten!'
Toen de hele menigte naar buiten stormde, begreep ik meteen waar ze naartoe gingen. Ik rende naar het politiebureau en vertelde wat er ging gebeuren, maar ik was te laat: ik zag de vlammen voor mijn ogen dansen en mensen die vol genot geweld tegen de joden gebruikten.
Ik werd vaak een 'tweezak' genoemd, omdat ik in twee verschillende werelden leefde. Ook ik als hulpagent stelde mezelf de vraag wat die joden misdaan hadden, waardoor ze opgepakt moesten worden, terwijl mijn artistieke mentor – die ik stiekem Nijdig Baardje noem – niets liever wilde dan de joden zien verdwijnen. Hierdoor werd ik in beide werelden gewantrouwd, zowel op het politiebureau als door Nijdig Baardje en zijn volgelingen.
Je zou kunnen denken dat iedereen een antisemiet was, maar dat is niet zo. Adolf Hitler was iemand die zo goed kon spreken dat hij de toehoorders bij wijze van spreken kon manipuleren. De Duitsers werden makkelijk beïnvloed door zijn redevoeringen, maar dat betekent niet dat iedereen akkoord ging met zijn ideologie. De kans is vrij groot dat zij het toen ook gruwelijk vonden, net als wij de Shoah nu vinden, die we beleven dankzij de lessen geschiedenis. Je kunt je afvragen: waarom durfde niemand uit de massa op te staan om er iets van te zeggen?
Die vraag kan ik nu, zeventig jaar later, na mijn ervaringen als hulpagent in Antwerpen, waar het ooit wemelde van de Duitse soldaten, beantwoorden vanuit mijn werkkamer, want ook ik ben schuldig aan mijn mond dicht te houden.
Eén woord, tien letters: autoriteit.
Als iemand in uniform je vraagt om iets te doen, hoe groot is de kans dat je dat dan gaat doen? Je zou meer geneigd zijn om het te doen, dan wanneer iemand zonder uniform precies hetzelfde zou vragen.
Jullie kennen waarschijnlijk wel het Milgram-experiment. Dit experiment werd na de Tweede Wereldoorlog uitgevoerd. Hierbij moesten de deelnemers zich als 'leerkracht' voordoen, en de acteur, die deed alsof hij ook een deelnemer was, was de 'leerling'. De 'leerkracht' las woordparen voor die de 'leerling' moest onthouden. Daarna ging de 'leerling' naar een andere kamer en las de 'leerkracht' het eerste deel van het woordpaar voor, met dan vier mogelijke antwoorden voor de 'leerling'. Als de 'leerling' een fout maakte, kreeg hij een schok. Bij elk verkeerd antwoord werd de schok met 15 Volt verhoogd.
In de realiteit kreeg de acteur helemaal geen schokken, maar dat wist de 'leerkracht' niet. Er was een bandrecorder die de schreeuwen van de 'leerling' bevatte. Er was ook een leider die naast de deelnemer stond, die hem aanspoorde om verder te gaan. Dat was dus de 'autoriteit'
Het resultaat van het onderzoek: 65% van de deelnemers gingen door tot het maximum, namelijk 450 Volt. Dit experiment heeft aangetoond hoe iemand met gezag invloed kan uitoefenen op andere personen, zoveel dat ze zelfs doen wat tegen hun eigen geweten ingaat.
Natuurlijk zijn er grote verschillen tussen dit experimentje en de Shoah. Ten eerste duurde het experiment slechts één uur, terwijl de Shoah vele jaren doorging. De Duitsers raakten op den duur gewend aan de gruwelijke zaken die er toen gebeurden. Hoe een mens zelfs de ergste nachtmerries gewoon kan worden, blijft nog een mysterie voor mij.
Ten tweede werden de deelnemers aan het onderzoek verzekerd dat er geen 'ernstige gevolgen' zouden zijn dankzij de schokken, terwijl de Duitsers heel goed wisten waar ze meer bezig waren. Hoe ze toch konden doorgaan, lag dus aan de autoriteit van toen: de führer.
Dan heb je ook de Sonderkommando's: joodse gevangenen die, bedreigd met de dood door de SS, hielpen om hun lotgenoten te misleiden, door tegen hen te zeggen dat de gaskamers slechts doucheruimtes waren. Ze dreven hen in die zogenaamde doucheruimtes en moesten dan hun lijken eruit dragen. Daarna moesten ze de bruikbare delen van de lichamen scheiden: gouden tanden en lang haar. Het ergste van al was, dat ze uiteindelijk zelf vermoord werden, omdat dat proces geheim moest gehouden worden. Kun je nagaan hoe hopeloos ze waren, om zelfs hun eigen lotgenoten tot de dood te drijven, om dan uiteindelijk hetzelfde lot te moeten ondergaan?
Dit bewijst weer dat een bedreiging, al dan niet autoritair, de mens zo hard kan intimideren dat ze doen wat tegen de moraliteit ingaat.
We kunnen de geschiedenis niet veranderen, maar we kunnen er wel uit leren. Een van de lessen die de Shoah ons leert, is dat mensen wreed zijn. Sommigen zijn daar gevoeliger voor dan anderen, maar dat betekent niet dat wij nooit in staat zullen zijn om kwaad te doen, hoe goed wij beweren ook te zijn. Zodra er iemand met gezag iets opdraagt, doet de angst je gehoorzamen, ook al weet je diep vanbinnen dat wat je doet, allesbehalve rechtmatig is.